Laatste fietsdag

Van zo‘n spetterende finale had ik niet durven dromen. Sterker nog, een beetje minder spetterend was ook prima geweest. Tijdens het laatste broodje op Frans grondgebied begint het te druppelen en van de regen in de drup wordt het vanzelf gieten. Ik sta droog maar na een half uur geef ik het wachten op. Als je eenmaal door bent is het water heerlijk. Welkom in Zwitserland. Wat is dit stuk toch mooi groen… Mijn voornemen om er een toeristisch ritje van te maken gaat overboord. Ik trap flink door tot ik voor Basel SBB Bahnhof sta.

“Laatste fietsdag” verder lezen

Dalen is een kunst

Omlaag. Onderin de beugels, laag blijven. Remmen voor de bocht. Binnenbeen hoog, druk houden op het buitenbeen én de binnenhand. Een blik achterom, buitenbocht tot je door kan kijken en dan via binnen weer naar buiten. En oja, checken op tegenliggers, grint, kuilen en ander gevaar. Oftewel – ik sta enigszins trillend (niet alleen van de kou) beneden in Turckheim maar wel met een smile van oor tot oor. Naar blijkt is dit niet eens de mooiste afdaling vandaag.

“Dalen is een kunst” verder lezen

Rustdag met 1200 hoogtemeters

Het einde van de reis is alweer in zicht en ik moet een beetje plannen om op tijd – lees niet te vroeg – in Bazel aan te komen om daar de trein terug te nemen. Dus vandaag een korte etappe en dat komt goed uit want het weer is vannacht omgeslagen. Druilerig, nat en flink frisser dan de afgelopen dagen. Daarbij is het hier in de buurt niet bepaald plat én heb ik een camping met bivak-hutten gevonden, waar ik beter kan vertoeven dan in mijn tentje. Allons!

“Rustdag met 1200 hoogtemeters” verder lezen

De Vogezen in

Naderende bergen merk je vaak aan de veranderende bouwstijl. Veel hout, daken die sneeuw kunnen hebben en natuurlijk heel veel in bloemenpracht getooide balkons. De bergen zelf kondigen zich vandaag ook al vroeg aan. De donkere contouren aan de einder verraden zodra ik het Seille-dal uitklim wat er komen gaat. Ik had dit bij de Alpen, ik had dit bij de Pyreneeën en heb het dus ook bij de Vogezen. De drang om er zo snel mogelijk te willen zijn. Doortrappen.

“De Vogezen in” verder lezen

Tussen Maas en Moezel

Yes! De zon schijnt weer en naast de hellingen heb ik nu ook de warmte om mij op af te reageren. Een soort afzien dat voor mij echt hoort bij een fietsreis. Waar ik de afgelopen dagen makkelijk uit wist te komen met mijn bidons, moet ik bij gebrek aan winkels teruggrijpen op de kennis dat de meeste begraafplaatsen ook een kraan hebben. Gisteren heb ik te weinig gedronken. Niet dat ik dat doorhad. Het was nog relatief fris, dus bemerkte ik pas op de camping dat ik nog geen liter gedronken had. Met een nachtelijke droge mond en hoofdpijn tot gevolg.

“Tussen Maas en Moezel” verder lezen

Gehavend landschap

De haan in het kippenhok naast mij is bij de les en kukelt mijn vijf voor de wekker uit bed. Ik pak rustig mijn spullen terwijl ik mijn koffie en havermout-ontbijt soldaat maak. De bakker arriveert. In drieën past de baguette prima in een van de tassen en een croissantje kan je natuurlijk niet bewaren. Bij het afrekenen beloof ik Roland en mijzelf dat ik hier zeker een keertje terug ga komen voor een langer verblijf. In een tent, de hut of een van de gites.

“Gehavend landschap” verder lezen

De centrifuge van Gabrielle

Een uurtje eerder dan aangegeven meld ik mij op camping La Gabrielle in Romagne-sous-Montfoucon, waar ik rond de middag de trekkershut heb gereserveerd. Brood voor morgen wordt besteld en onder het genot van een koud biertje hoor ik van de Nederlandse eigenaar wat ik als gast moet weten en vooral het verhaal van deze kleine camping zelf. Erg gemoedelijk. Echt een plekje om te onthouden. En van alle unieke elementen springt de ouderwetse centrifuge er misschien wel bovenuit. Een zegen voor vaak wassende fietsers. Dat zou iedere camping moeten hebben.

“De centrifuge van Gabrielle” verder lezen

De Franse slag

Het is ‘menu fixe ce soir’ en toch weet de verstrooide ober van Ralais de Florette hier een heerlijke chaos van te maken. Alsof ik naar een slapstick zit te kijken. ‘Uw wijn – o ja, een glas. Uw soep – o ja, het brood. Uw nagerecht – o ja, lepel. Ondertussen beent hij driftig en volledig willekeurig heen en weer tussen de enkele hotelgasten, de bar en de keuken. Op het laatste station reageert hij duidelijk hoorbaar zijn frustraties af. Een bejaarde Britse heer krijgt onhandig de volle laag als deze ober het dienblad met wijn niet kan houden. De Brit, een gentleman, biedt zijn excuses aan… Zo’n avond.

“De Franse slag” verder lezen

Slag aan de Somme

Na een stevig hotel-onbijt en de bevestiging dat ik ook vandaag binnen mag slapen, verlaat ik kort na negen de stad langs de Scarpe. Het gaat de hele dag op en neer. Eerst nog glooiend, daarna stevig en weer glooiend op het einde. Glooiend is met name heel veel graan en stevig betekend een wat afwisselender landschap. Weer een beetje als de Ardennen. In de loop van de dag neemt de hoeveelheid begraafplaatsen af. Ik fiets er sowieso al voorbij nu. Alleen bij het Duitse Soldatenfriedhof stop ik even. Sobere kruizen, een beetje weggestopt.

“Slag aan de Somme” verder lezen

Heuvelland en de Artois

Of het de slechte nachtrust is, het door regen zo nu en dan troosteloze landschap of de oneindige reeks militaire begraafplaatsen – ik krijg de tekst van Willem Vermandere’s ‘Duizend Soldaten’ niet uit mijn hoofd.

A’j van z’n leven in de westhoek passeert
Deur regen en noorderwinden
Keert omme d’n tid die j’ alhier passeert
D’n oorlog ga j' hier were vinden

Ja 't is d’n oorlog da 'j hier were vindt
En 't graf van duuzend soldaten
Altijd iemands vader altijd iemands kind
Nu doodstille en godverlaten

Laat de bomen nu maar zwijgen en dat 't gras niets verteld
En de wind moet 't ook maar nie zingen
Dat julder'n dood tot niets hè geteld
Dat waren al te schrik'lijke dingen
“Heuvelland en de Artois” verder lezen

Het front bereikt

Gaandeweg de dag begint mijn telefoon steeds vaker te waarschuwen voor nattigheid en ik lees dat het elders in België losgaat. Het vooruitzicht om met slecht weer in en morgen ook weer uit mijn tentje te kruipen staat mij niet aan, maar een betaalbaar hotel in of om het centrum is helaas niet te vinden. Op hoop van zegen naar de stadscamping dus, waar ik mij tussen de Vlaamse motorrijders nestel en er maar het beste van hoop.

“Het front bereikt” verder lezen

Prelude

Als ik het erf van kampeerboerderij de Blikken, net buiten Groede, oprij, komt de eigenaresse mij al tegemoet. Op de zitmaaier. Rustig zet ze de machine en daarna haar gehoorbescherming af en heet mij met een heerlijke Zeeuwse tongval welkom. ‘Een Santos’ zegt ze, ‘die zie je de leaste tied stêhts véhker’. Ik reken af met mijn laatste tientje want een pinautomaat heeft ze niet. Slaat ze over. Online bankieren kan wel. En misschien dat ze volgend jaar een QR-code gaat ophangen.

“Prelude” verder lezen

Fietsen langs de frontlijn

Begrensd door aanhoudend Europese corona-geweld en een druk schema op mijn werk wordt het ook deze zomer een kort fietsavontuur. Wel een betekenisvolle. Fietsen langs de frontlijn van de oorlog die een einde moest maken aan alle oorlogen maar met haar gruwelijkheden slechts de overgang markeert tussen oude oorlogen en nieuwe. Een geschiedenis die bij mij op de een of andere manier is weggedrukt door het tastbare van de oorlog die daarop volgde en nog altijd een groot vraagteken voor mij is. Hoe heeft dit zo kort op onze moderne tijd kunnen gebeuren?

“Fietsen langs de frontlijn” verder lezen