Dag 25: Portomarin – Santiago de Compostela (106 km)

Enigszins verdwaasd kijk ik naar alle drukte om mij heen over het plein voor de kathedraal van Santiago de Compostela. Expres nog even gestopt om aan de rand van de stad een hapje te eten. Alsof ik het moment van ‘er zijn’ voor mij uit probeerde te schuiven. Vijfentwintig dagen waarvan drieëntwintig daadwerkelijk op de fiets zijn voorbij en ik ben er. Gek genoeg voelt het helemaal net zo. Eigenlijk zou ik nu de mooie aankomstfoto moeten maken maar ik kan me er nog niet toe zetten. Zou dat er mee te maken hebben dat de laatste honderd kilometer nou niet bepaald de makkelijkste waren? Of komt het door mijn voornemen om nog even door te rijden naar Fisterra, het einde van de wereld?

The only way is up!

Kamperen aan een stuwmeer. De Belgen van dag 3 gaven het ook al aan in hun blog. Dan weet je dat je ‘s morgens niet veel anders kunt dan klimmen. En die theorie bleek volledig te kloppen. Met het ontbijt vers achter de kiezen ging het twaalf kilometer omhoog. En iedere kilometer herinnerde mij er aan dat ik gisteren toch redelijk in het rood heb gereden.

Pelgrims in de mist

Spaanse Ardennen

Galicië is groen en heuvelachtig. Een beetje de Ardennen zeg maar. Zo reed ik door de mist van dorpje naar dorpje in een bijna sprookjeschachtig landschap. Wel had ik de hele dag het gevoel er bijna te zijn, wat mij een soort van rusteloosheid bezorgde en waardoor ik nauwelijks de tijd nam om ergens even te stoppen om te eten of te drinken. Het was misschien wel de zwaarste dag van de hele reis, al sluit ik niet uit dat de afgelopen avond daar ook een beetje debet aan was. Tijdens het avondeten in het restaurant van de camping raakte ik aan de praat met een paar wandelaars uit Denemarken en Noorwegen en we hebben ons de wijn de de grappa goed laten smaken.

Santiago komt in zicht

Goedkoop wordt duurkoop

Op en neer ging het. Zo vaak dat ook het routeboek de moeite net meer nam om er enige notitie over achter te laten. Gevoelsmatig ben ik de hele dag aan het klimmen geweest. Maar ja, als je de stal ruikt, dan ga je natuurlijk door. Met dien verstande dat mijn voornemen om lekker goedkoop naar de camping te gaan wel gesneuveld is.

Officieel en op papier

Na aankomst ben ik de stad niet uitgebreid gaan bekijken. Daar heb ik de hele woensdag voor. Ik heb een hotel gezocht, gedoucht, de Tour de France afgekeken en daarna ben ik naar het Oficina de Acogida al Peregrino gegaan voor mijn compostelaat. Daar werd mijn credencial op eerlijkheid gecheckt en kreeg ik het felbegeerde papier.

In de rij bij het Oficina de Acogida al Peregrino

Pelgrimsgelach

Op het terras, waar ik neerstreek voor een biertje, met het plan vroeg wat te eten en op tijd in bed te kruipen, raakte ik in gesprek met een paar Spaanse leeftijdsgenoten die besloten haden om de laatste kilometer van de Camino iedere honderd meter wat te drinken. Ze waren nog honderd meter van het einddoel en toen ik ze vier uur later weer verliet waren ze geen stap (maar flink wat sap) opgeschoten.

Spaans – Nederlandse gelegenheids drinkebroeders

Het ‘en wat nu-gevoel’

Wat is het fijn dat je, als je eenmaal Santiago bereikt hebt nog steeds verder kan. Want staande in de drukte overviel mij het ‘en wat nu-gevoel’ enorm. Morgen weer op de fiets voor de reis naar het einde van de wereld. Daarna geef ik mij twee avonden over aan de stad.

¡Hasta pronto y saludos a todos!

 

7 gedachten over “Dag 25: Portomarin – Santiago de Compostela (106 km)”

  1. Hallo Erik,

    Met veel belangstelling heb ik jouw reisverhalen de afgelopen periode gelezen.
    Het waren mooie verslagen. Jammer dat het bijna is afgelopen.
    Proficiat met het bereiken van jou doel, geweldig !!!

    groet Theo.

  2. Goed gedaan Erik, weer een supermooie reis, net als de vorige! Geniet nog even van het mooie Spaanse landschap!!!

  3. Een mooie prestatie en een geweldige ervaring rijker! Met plezier en herkenning heb ik jouw verhalen gelezen. Geniet nog even daar en doe Jacobus de hartelijke groeten van me 😉

    Groet, Robin

Laat gerust een reactie achter