Dag 4: Paillencourt – Carlepont (133 km)

‘Un pression s’il vous plaît’, ik hoor het mijzelf zo zeggen. En niet raar want het was weer een pittig dagje. Warm en enkele routetechnische tegenvallers. Maar vooral; ik was bijna bij de camping. Die moest namelijk op een steenworp afstand liggen van Noyon, waar ik na een bezoek aan de kathedraal mijn fiets bij het terras had geparkeerd.

De dag was niet alleen pittig, het was ook een mooie en afwisselende. Na zelfgemaakte koffie op camping ‘No Camping’ ben ik samen met de Belgen op de fiets geklommen. Niet dat ik het idee had om met ze op te rijden hoor. Bij mij komen de kilometers meer van lang rijden en minder van hard rijden. Dus eenmaal terug op de route heb ik ze een goede reis gewenst en ben ik in mijn eigen tempo verder gegaan.

Overal geschiedenis

Eerste doel was Cambrai. Een klein stukje maar het feit dat daar zondags net na achten de espressobarretjes open zijn deden mij toch in de remmen knijpen. Leuk die zakjes Nespresso maar er gaat niets boven het echte zwarte goud. Snel nog wat kiekjes gemaakt en terug op de fiets. De heuvels in nu, dus licht schakelen en als een dieseltje naar boven.

Koffie-uitzicht in Cambrai

Het gebied ademde een en al historie. Ogenschijnlijk kleine dorpjes maar overal getuigenissen van de ooit zo machtige katholieke kerk. Kerken, abdijen, you name it. Ik ben er bewonderend voorbij gefietst maar toen de bordjes de Scheldebron aangaven moest ik toch even kijken. Ongelovelijk hoe zo’n klein poeltje een paar honderd kilometer verder zo’n belangrijke stroom kan worden.

De bron van de Schelde

Visserslatijn

Met een paar stevige beklimmingen en het Canal de St. Quentin reed ik Saint-Quentin binnen. Het was ondertussen al weer goed warm geworden. Eerst een supermarkt dus, voor water, vers fruit, een koud cola’tje en wat te snacken. Daarna nog even de stad in geweest om de enorme kathedraal op de foto te zetten.

De route liep verder langs het Canal St. Quentin ware het niet dat de plaatselijke vissersvereniging een thuiswedstrijd had. Daarbij sluiten ze dus doodleuk het jaagpad af. Kunnen ze ongestoord de lange hengels over hun professionele geleiderollers naar achter steken steken zonder dat deze bij een fietser tussen de spaken komt.

Niet dat ze de bordjes aan het begin ophangen. Nee, je komt er pas achter als je er bent. Terug naar de stad dus, De onverbiddelijke wedstrijdleiding liet me niet voorbij. Klimmend door de benauwde buitenwijken kon ik uiteindelijk weer op een later punt de route oppikken. Lang leve fietsen met de GPS. Bij de wedstrijd in het volgende dorp mocht ik er bij gratie Gods (je bent tenslotte pelgrim?) toch voorbij. Lopend weliswaar.

De basiliek van Saint-Quentin

Daarna weer glooiend akkerland. Om de paar kilometer een slapend boerendorpje en verder vooral op en neer zonder een streepje schaduw maar met stevige wind mee. Ook de wegen slapen. Af en toe een klein stukje over een wat drukkere doorgaande weg maar vooral de kleine landweggetjes.

Glooiende landweggetjes met bijna geen schaduw

Te vroeg geproost

Vanwege het omrijden had ik voor mijzelf al besloten dat Noyon vandaag het einde zou zijn. Voor de Cathédrale Notre Dame sprak ik een Nederlandse gids die met een groep Australiërs, al fietsend terwijl ze verbleven opeen meevarende boot, op pad waren. Ik moest van hem de kathedraal echt even van binnen bekijken. Dus zo gezegd, zo gedaan. Het leverde ook meteen de eerste tampon in mijn pelgrimspaspoort op.

Cathédrale Notre Dame in Noyon

Met het verkoelende biertje achter de kiezen ging ik weer te paard voor de laatste paar kilometers naar de camping. Gevonde op internet en in het routeboekje. Wat zou er mis kunnen zijn? Dat dat niet alles zegt bleek wel toen ik er aankwam na weer al een stevige klim.

Het bureau was dicht vanaf 16:30. Dan bel ik even. Maar het luide gerinkel achter de gesloten deur deed niet veel goeds vermoeden. Na drie keer de voicemail afgeluisterd te hebben kon ik uit het ratelende Frans een mobiel nummer filteren maar ook dat gaf geen gehoor.

Navraag bij vaste gasten leverde op dat zij ook niet wisten of ik welkom zou zijn, dus besloot ik maar verder te zoeken. Hoera voor het internet, op een kilometer of zes nog een camping. Ondanks de gesloten deur werd daar wel gereageerd op mijn telefoontje en binnen no-time was ik voorzien van een plekje.

Het is warm en het lijkt maar weinig af te koelen. Zelfs nu het langzaam donker wordt is het dragen van een t-shirt meer beleefd dan noodzakelijk. Op naar de zomer en op naar weer een mooie fietsdag!

¡Hasta pronto y saludos a todos!

2 Comments on “Dag 4: Paillencourt – Carlepont (133 km)

  1. De velgen vinden jou blog super geschreven🙂. Na 3 flessen wijn lukt het hier minder

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: